Vandaag verschijnt “Het machtige monument”, het driehonderdste verhaal van “Suske & Wiske”. Het verhaal zelf is helaas tegelijk een bewijs dat dit populaire stripverhaal nog steeds niet uit het slop is geraakt.
Verder lezen ‘300ste Suske & Wiske’
Archief voor de categorie 'stripverhalen'
300ste Suske & Wiske
Deze morgen om kwart voor elf op La Deux: “La flûte à six schtroumpfs”, de eerste smurfentekenfilm uit 1976. Het is ook het eerste verhaal waarin de smurfen opduiken, namelijk “De fluit met zes smurfen” uit 1958 in de reeks “Johan en Pirrewiet”.
Verder lezen ‘“La flûte à six schtroumpfs”’
Om kwart voor elf deze avond op la deux een documentaire van Hugues Dayez uit 1996 over striptekenaar André Franquin (1924-1997) n.a.v. het 70-jarige bestaan van Robbedoes. Dat is dus heel iets anders dan de vorige aflevering over de “manga” ofte de Japanse strip. In tegenstelling tot onze babbelende beeldverhalen wordt er daarin bijvoorbeeld veel meer gestript, gebonden en genaaid!
Verder lezen ‘Gestript, gebonden en genaaid: het babbelende beeldverhaal’
Enkele dagen geleden kreeg ik telefoon van “Man bijt Hond”. Of ik Ronny De Schepper uit Gent was, de stripverzamelaar. Aangezien ik geen stripverzamelaar ben, antwoordde ik naar waarheid ontkennend, maar nu men voor het laatste stripverhaal opnieuw teruggrijpt naar een verhaal van Jommeke en, vooral, nu de “Broekjes” terug zijn en ze er zo overdreven de nadruk op leggen dat ze “serener” wilden zijn dan bij hun vorige optreden, vraag ik me toch af of dat telefoontje toch niet écht voor mij bestemd was. Ik mag dan geen stripverzamelaar zijn, ik heb wél zware kritiek uitgeoefend op Wim Opbrouck en Bruno Van den Broeck toen ze dat verhaal van de Blauwbloezen lazen. Ondanks de “serenere” aanpak ben ik trouwens nog altijd niet tevreden over het voormalige ADHD-duo. Ten eerste natuurlijk omdat het “serene” er zo nadrukkelijk op ligt, waardoor het een sneer blijft naar het gepeupel dat niets van hun “gelaagd” spel begrijpt, maar ten tweede ook omdat een aantal onhebbelijkheden gebleven zijn met eveneens een snobistische karakter. En dan heb ik het nog niet zozeer over het voortdurende gebruik van het Latijn door Van den Broeck (want hij schijnt het zelf niet altijd te begrijpen, zo gebruikte hij onlangs de uitdrukking “errare humanum est”, “missen is menselijk”, zonder dat het op iets sloeg), maar wel over de “vondst” van de opsomming. Bij de Blauwbloezen slaagden zij erin om op het einde telkens een deelstaat van de Verenigde Staten op te noemen en nu gaan ze zelfs nog een stap verder, want Jommeke inspireert hen blijkbaar tot het opsommen van stukken van William Shakespeare!
Verder lezen ‘Jommeke en de Lustige Lezers (bis)’
Bessy
De strip “Bessy” is gestart in 1952 toen Karel Verschuere op de Studio Willy Vandersteen kwam werken. De strip werd voor het eerst gepubliceerd in het Franstalige dagblad “La Libre Belgique” en was geïnspireerd op de Amerikaanse Lassie-reeks, waarin ook een collie (groot langharig hondenras) een hoofdrol speelde. De film “Lassie come home” met een jonge Elizabeth Taylor in de vrouwelijke hoofdrol dateerde weliswaar reeds van 1943, maar er waren een aantal vervolgen op gemaakt en vooral ook een televisieserie.
Woensdagnamiddag om kwart voor drie en zaterdagvoormiddag om kwart over tien op La Deux ”Les douze travaux d’Astérix” aan de beurt, een tekenfilm uit 1975. Zoals men aan de programmatie kan zien, mikken deze tekenfilms uitsluitend op een kinderpubliek en hebben ze niet de spitsvondigheid van de stripverhalen.
Verder lezen ‘Les douze travaux d’Astérix’
Het is jammer dat ik het moet zeggen, maar de vroeger zo sympathieke rubriek “De Lustige Lezers” in “Man bijt hond” is going down the drain. Dat heeft uiteraard niks te maken met de keuze van “De Blauwbloezen” als jongste strip in de reeks. Integendeel zelfs, de enige reden dat ik geen apart hoofdstuk wijd aan deze strip is dat ik er te weinig van afweet. Jan Mestdagh kon er heerlijk over schrijven en aangezien Jan zelf geen blog heeft, zou ik met plezier zijn teksten op de mijne plaatsen, maar ik vind ze niet meer terug en Jan zelf is blijkbaar ook in rook opgegaan. Nee, de afgang van “De Lustige Lezers” is volledig te wijten aan het omvangrijke ego van de twee lezers van dienst, de heren Wim Opbrouck en Bruno Van den Broeck. Waar zijn de heerlijke tijden met Wim Helsen of Urbanus? Zelfs Adriaan Van den Hoof en Ann Miller zou ik nu aan mijn boezem drukken om de ongein van die twee voornoemde heerschappen te mogen missen. En zeggen dat één daarvan binnenkort het NTG gaat leiden! (De andere is dan weer zijn eigen onuitstaanbare zelf in de trailers voor “Brudio Stussel”.) Directie van Woestijnvis: tijd om in te grijpen!
Verder lezen ‘“De Lustige Lezers” gaan om zeep’
Het huidige verhaal van de Lustige Lezers in “Man bijt hond” “De Zwarte Voeten”, een avontuur van Nero, is een echte klassieker, uit het historische jaar 1951 dan nog wel! Het grote verschil met vroegere stripverhalen in de reeks “De Lustige Lezers” is dat men hier écht met het stripverhaal zelf kan lachen en niet zozeer met de capriolen van de Lustige Lezers zelf (dit gezegd zijnde, valt het toch op hoe goed de stem van Urbanus op Nero “plakt”, eigenlijk is dat niet echt verwonderlijk natuurlijk: Urbanus is ook niet zo maar uit de lucht komen vallen, die hoort helemaal thuis in die traditie van Vlaamse humor, waarin Nero hem is voorafgegaan). Zo heb ik me gisteren een kriek gelachen met mijnheerke Pheip (die hier weliswaar nog niet als dusdanig werd opgevoerd, maar als de frankofone burgemeester van Moerbeke; overigens krijgt-ie dus later de naam van zijn vrouw, als dat geen overwinning voor het feminisme is!) die zegt te zullen ontploffen van woede. Waarna hij met zijn tien geboden tegen een lantaarnpaal knalt met een ploffend geluid als gevolg. Waarop Nero: oeioei, hij is ontploft! Enfin, zo “op papier” (op computer dus eigenlijk) lijkt het misschien niet zo grappig, maar als stripgag is het onovertroffen!
Verder lezen ‘De zwarte voeten van de lustige lezers’
25 jaar Urbanus-strips
Toen De Rode Vaan in 1981 naar de Lemonnierlaan verhuisde, kwamen we in een pand terecht waaraan ook een winkelruimte was gekoppeld. We besloten die dan ook te benutten door er een boekenwinkeltje in te vestigen, uiteraard voornamelijk gespecialiseerd in politieke werken. Ik hoef u niet te zeggen, zeker, dat er niet bepaald een stormloop op volgde?
Om de een of de andere reden waren wij er echter wel als de kippen bij toen de eerste Urbanus-strips in 1983 op de markt kwamen. En dié hadden wél succes, zelfs in hartje Brussel.
Al is Urbanus zelf een fervent tekenaar, toch is niet hij maar Willy Linthout het brein achter deze reeks. In het vijfde nummer van 1985 haalde ik de tekenaar dan ook aan het lijntje in onze gelijknamige rubriek. Nu men volop aanstalten maakt om de 25ste verjaardag van de Urbanus-strips te vieren, is dit een uitstekend moment om dat vraaggesprek nogmaals af te drukken.
Verder lezen ‘25 jaar Urbanus-strips’
Hergé en Kuifje
Hergé, pseudoniem voor Georges Remi (1907-1983), begon bij de reactionair-katholieke Brusselse krant “Le XXème siècle” waar zestien maanden lang de avonturen verschenen van een knaap, die als een reporter van “Le Petit Vingtième” (tevens de naam van de jeugdbijlage) werd voorgesteld. Hergé was hiervan de hoofdredacteur als protégé van Eerwaarde Heer Norbert Wallez, zelf een beschermeling van kardinaal Mercier.
Verder lezen ‘Hergé en Kuifje’