De eerste gesproken film, “The jazz singer” van Alan Crosland, uit 1927 was eigenlijk een “gezongen” film (naar de Broadway-musical van Samson Raphaelson), want tussendoor werd er nog wel met “captions” gewerkt. Minstrel-zanger Al Jolson pakt al meteen met absolute tearjerkers uit (zoals “Mammy”, “Swanee” en “Sonny boy”), maar die bestonden al in het music hall-circuit. Zo is hij b.v. ook de originele uitvoerder van “Are you lonesome tonight”, later beter gekend in de versie van Elvis Presley. Al is het epitheton “jazz singer” dus een aanfluiting van de goede zeden, het sensationele zat ‘m in de bijgeluiden (applaus, een voorbijrijdende trein enz.) en een paar monologen van Al Jolson, af en toe onderbroken door een tussenwerpsel van zijn “moeder” Eugenie Besserer.
Daarom veroorzaakte de film toch een revolutie bij de acteurs, zoals dat uitstekend wordt weergegeven in “Singing in the rain” van Stanley Donen (1952) met Gene Kelly (foto). Bovendien maakten de gebrekkige montagemogelijkheden voor klank en beeld tegelijk het bijna onmogelijk dat de film z’n beweeglijkheid van vroeger behield. Het werd bijna verfilmd toneel, aangezien ook de camera zich niet kon bewegen, want ook dàt maakte geluid. Toch vindt men in deze aanvangsfase alles wat geluid maakt veel interessanter dan het beeld. En wat maakt er het mooiste geluid? Muziek natuurlijk. Musicals verdringen dan ook de westerns als populairste genre, al vinden de meeste filmliefhebbers dit een stap achteruit.
Verder lezen ‘De geschiedenis van de muzikale film’
Archief voor de categorie 'musical'
De geschiedenis van de musical
“Ik hou niet van musicals,” hoorde ik Tom Jones eens verklaren in een televisie-interview. “Een goede popsong ontstaat spontaan. Musicals daarentegen hebben iets kunstmatigs.” Ik zou het niet beter kunnen zeggen, Tom, maar een beetje geschiedenis kan nooit kwaad natuurlijk en dan moeten we terugkeren naar de Verenigde Staten in de negentiende eeuw, waar in de periode van de romantiek het volksnationalisme ook in de muziek tot uiting kwam. Aangezien de onafhankelijkheidsoorlog tegen de Engelsen werd uitgevochten, werd de Engelse invloed op de muziek na de onafhankelijkheid (1776) steeds kleiner, ten voordele van vooral Italiaanse (opera) en Duitse (operette) invloeden. Voeg daarbij de invloed van de muziek van de zwarte slaven (wat uiteindelijk in jazz en blues zou uitmonden) en de typische musical-muziek krijgt stilaan vorm in spektakels die rond 1860 de naam hadden van vaudevilles, extravaganza’s of burlesques. Let wel op: voor diegenen die in het vak zaten, waren dit niet zo maar synoniemen, zoals we o.m. kunnen leren uit de film “Gypsy”, waarin de moeder van stripper Gypsy Rose Lee zich oorspronkelijk sterk verzet tegen een carrière van haar dochter in “burlesque”, terwijl zij toch van “vaudeville” zijn!
Verder lezen ‘De geschiedenis van de musical’
Marijn Devalck
Op het eind van de jaren zeventig had ik nogal wat contact met Marijn Devalck. Ik had hem de mannelijke hoofdrol aangeboden in de rock-opera De Kat, die ik samen met een paar vrienden had geschreven en Marijn zag dat wel zitten, maar Theater Arena, waartoe hij op dat moment behoorde, helaas niet. Toch was nog niet alles verloren, want Marijn stemde erin toe om samen met o.a. Raymond van het Groenewoud, Zjef Vanuytsel en Guy Mortier deel uit te maken van een vedettenelftal om op het Feest van de Rode Vaan, maar toen was er een persvisie op de BRT van een musical waarin Marijn met Linda Lepomme de hoofdrol (ik meen me te herinneren dat het zelfs de énige rollen waren) vertolkte en Lode De Pooter vond er niks aan en maakte dit in zijn gebruikelijk beeldrijk taalgebruik duidelijk aan Marijn, met als gevolg: geen Marijn op het veld. En nadien kwam er een solo-elpee die ik dan weer niet zo goed vond, zodat het contact voor altijd werd verbroken.
Verder lezen ‘Marijn Devalck’
Het – in korte tijd legendarisch geworden – cultuurcentrum Backstage aan de Sint-Pietersnieuwstraat staat te koop. Het wordt openbaar verkocht op woensdag 16 december.
Eigenaar Serge Elia, die de drijvende kracht was achter de nv Backstage, kocht het pand in 1990. In het gebouw huisden vroeger dagblad Vooruit en drukkerij Het Licht.
De gevel en de lokettenzaal van het gebouw zijn beschermd. Het pand werd op 10 januari 1931 ingehuldigd. Architect Fernand Brunfaut was de ontwerper. Hij was bevriend met de toenmalige socialistische kopman Edward Anseele, die het dagblad Vooruit had gesticht. Het gebouw werd destijds gezien als een ‘perspaleis’. Vooral de glazen gordijngevel was opvallend. Hij symboliseerde ook de naam Het Licht . De redactie van Vooruit/De Morgen verliet de lokalen in 1983. Enkele jaren later ging uitgeverij Het Licht failliet.
Eerst verwierf de Vlaamse Gemeenschap de gebouwen. Toen kwam Elia op de proppen. Hij kocht het pand in 1990 voor 250.000 euro. Maar hij investeerde er een veelvoud in. De glazen gevel werd midden de jaren negentig gerestaureerd. Vandaag is het gebouw in goede staat, op een dakverdieping na.
Er zijn onder meer een kleine en een grote zaal, een zuilenzaal, een foyer en de vroegere drukkerij met bijna 200 zitplaatsen. Op de eerst verdieping zitten woongelegenheden. Ook is er een prachtig terras. Het gaat om een oppervlakte van 2.177 vierkante meter. De ligging is een troef, zeker met het nieuwe Ufo-gebouw van UGent de overkant.
De gebouwen en de grond worden in vijf loten verkocht. Ze variëren in oppervlakte van 110 tot 1.345 m2. Alles samen beslaat de oppervlakte 2.461 m2. Enkele jaren geleden wilde Elia ook al het complex verkopen. Toen was de vraagprijs 4 miljoen euro. (KVK in De Gentenaar van 16/11/2009)
Verder lezen ‘Cultuurcentrum Backstage wordt openbaar verkocht’
Dirigent en componist Dirk Brossé wordt de nieuwe muzikale directeur van het Amerikaanse The Chamber Orchestra of Philadelphia. Dat is een gerenommeerd ensemble van 33 muzikanten. Brossé begint daar bij de start van het seizoen 2010-2011. Hij zal dan vier concertprogramma’s met het orkest uitvoeren. Brossé volgt Ignat Solzhenitsyn op.
Dirk Brossé dirigeerde het orkest al in oktober en leidde het ook in 2008 al in een uitvoering van Gustav Mahler’s ‘Das Lied von der Erde’.
‘Het is een grote eer en mijn voorganger bracht door zijn inzet en passie het orkest op een zeer hoog niveau’, zegt Brossé. ‘Ik zal er alles aan doen om dat artistieke niveau te bewaren. Ik kijk er naar uit om het orkest beter te leren kennen en ook om nieuwe vrienden in Philadelphia te maken.’ Het orkest heeft een vaste concertzaal, het Perelman-theater in het Kimmel Center.
Brossé toert momenteel door de VS en Canada als dirigent van ‘Star Wars in Concert’ dat langs 50 steden trekt. De beroemde filmcomponist John Williams trok hem daarvoor aan. Brossé stond ook al op het podium met enkele wereldorkesten. Hij schreef meer dan 200 composities, zowel klassieke werken, als muziek voor theater en film. (KVK in De Gentenaar van 16/11/2009)
Verder lezen ‘Dirk Brossé wordt directeur van Kamerorkest Philadelphia’
Jesus Christ Superstar
Nog vóór de eerste enscenering van Andrew Lloyd Webbers en Tim Rice’s “Jesus Christ Superstar” (de elpee kwam eerst uit, de toneelversie kort daarna en de filmversie pas veel later) schreef ik mijn eigen versie neer. Later heb ik die weggegooid, zoals ik zoveel zaken heb weggegooid, maar nu kom ik hier plotseling een pagina tegen (omdat ik de keerzijde voor iets anders heb gebruikt) en uit nostalgie wil ik die toch even weergeven…
Verder lezen ‘Jesus Christ Superstar’
Marilyn Monroe: 47 jaar reeds!
Morgen zal het precies 47 jaar geleden zijn dat de Amerikaanse actrice Marilyn Monroe overleed in nog altijd onopgehelderde omstandigheden.
Verder lezen ‘Marilyn Monroe: 47 jaar reeds!’
“De productie ‘Dans der Vampieren’ van de nieuwe organisatie Musical van Vlaanderen van Music Hall Group-topman Geert Allaert wordt uitgesteld. Normaal zou de musical in december in première gaan, maar ze wordt volgens Music Hall Group opgeschort vanwege juridische acties van Studio 100 en een kleinere musicalproducent.”
Aldus een bericht op de website van “De Tijd”. Frans Redant, gewezen directeur van de KNS en daarvóór dramaturg van het NTG, stuurde mij zijn bedenkingen hierbij. Ik publiceer ze graag, niet alleen dààrom, maar toch ook omdat ze mijn eigen mening over deze affaire weerspiegelen. Ik heb wel een vraagje over de “kleinere musicalproducent” uit het bericht van “De Tijd”. Weet iemand over wie het hier gaat? Zou het de Backstage hier in Gent kunnen zijn?
Verder lezen ‘Frans Redant over de “oorlog” in musical-land’
Muziek in Gent, vroeger en nu
De beiaard is een typisch Vlaams verschijnsel. Het is gelieerd aan het bestaan van de Belforten, een bewijs van de onafhankelijkheid van de steden. De klok op het Belfort regelde immers het sociale leven. Om goed op te letten welk uur zou worden geslagen, kondigde een klokkenspel van drie klokken de slagen aan. Samen met de stadsklok zelf waren dat dus vier klokken, een “quatrillon”, wat dan overal ter wereld een “carillon” is geworden, maar in Vlaanderen heeft het woord “beiaard” ingang gevonden, op basis van de passage uit “Van den Vos Reynaerde”, waarin Reinaert het klokkenspel van de pastoor doet “beieren”.
De eerste stadsbeiaardier van Gent dateert van 1552, dat is dus nog van lang voor de beiaard op het Belfort door de Nederlander Pieter Hemony werd gegoten (1659). Vandaar trouwens dat de klank niet zo ver draagt, want het Belfort heeft een dichte toren, die reeds dateert van het begin van de veertiende eeuw en dus oorspronkelijk niet voorzien was op een beiaard. Pierre-Joseph Leblan (1711-1765), die vanaf 1745 stadsbeiaardier was, werkte in het seizoen 1757-58 in de Gentse opera en componeerde enkele klavecimbelwerkjes “naar de aldernieuwste gouste”, zoals hijzelf schrijft (gouste is Gents voor goesting, smaak).
Verder lezen ‘Muziek in Gent, vroeger en nu’
Mea culpa, mea culpa, mea maxima culpa! Deze woorden uit de eucharistie zijn wel op zijn plaats als ik nog even wil terugkomen op de succesvolle musical “Daens, de musical” (ik weet dat dit dubbelop is, maar zo werd hij inderdaad vaak aangekondigd). Niemand, maar dan ook niemand (dus ook ikzelf niet) heeft er ook maar eventjes op gewezen dat er dertig jaar geleden in Vlaanderen reeds een stuk (met zang) over Daens was te zien, met name in het NTG. Zelf ben ik er gisteren heel toevallig over gestruikeld bij het opkuisen van mijn archief en Frans Redant was zo vriendelijk om mij meer tekst en uitleg te verschaffen.
Verder lezen ‘Daens was dertig jaar geleden reeds te zien in Gent!’