Ik was in de tijd van Tliedboek vooral een fan van de manier waarop André De Bruyn en Miel Swillens songs onder het ontleedmes liet passeren (respectievelijk van Leonard Cohen en van Bob Dylan). Zo schrijft André o.a.: “Cohens teksten munten niet alleen uit door een sterke poëtische zeggingskracht en een merkwaardige sfeerschepping (eigenaardig genoeg nog versterkt door een unieke ongeaffecteerde wijze van zingen), maar tevens door het veelvuldig en origineel gebruik van beelden. De vaak duistere metaforen en de soms kryptische constructie van de songs bemoeilijke evenwel het begrijpen van de teksten. Indien men de verschillende songs echter met elkaar vergelijkt, komt men tot de bevinding dat bepaalde thema’s en beelden frequent voorkomen, en dat uit het geheel een patroon kan worden gehaald dat verhelderend werkt bij het begrijpen van de afzonderlijke beelden. Elke song blijkt dan een bepaald aspect van dit patroon te belichten en verder uit te diepen.”
Verder lezen ‘Het begrip “shelter” bij Leonard Cohen’
Archief voor de categorie 'luisterlied'
Als ik een soort van top tien zou samenstellen van mensen die mijn leven een bepaalde richting hebben gegeven, dan hoort Miel Swillens (°Sint-Niklaas, 26/11/1943) daar zeker bij. Miel is op dit moment één van buren, maar dat kan natuurlijk nauwelijks een reden zijn waarom hij in die top tien zou thuishoren. Toen ik hier in zijn buurt komen wonen ben, was ik al dertig jaar en – hoe jammer deze vaststelling ook is – dan gebeurt er niet veel meer in je leven dat van enig belang is. De belangrijkste zaken gebeuren immers vóór je twintigste levensjaar – en dat is dan nog ruim gemeten (*).
Verder lezen ‘Miel Swillens: een update met onze briefwisseling uit de jaren zestig’
Marijn Devalck
Op het eind van de jaren zeventig had ik nogal wat contact met Marijn Devalck. Ik had hem de mannelijke hoofdrol aangeboden in de rock-opera De Kat, die ik samen met een paar vrienden had geschreven en Marijn zag dat wel zitten, maar Theater Arena, waartoe hij op dat moment behoorde, helaas niet. Toch was nog niet alles verloren, want Marijn stemde erin toe om samen met o.a. Raymond van het Groenewoud, Zjef Vanuytsel en Guy Mortier deel uit te maken van een vedettenelftal om op het Feest van de Rode Vaan, maar toen was er een persvisie op de BRT van een musical waarin Marijn met Linda Lepomme de hoofdrol (ik meen me te herinneren dat het zelfs de énige rollen waren) vertolkte en Lode De Pooter vond er niks aan en maakte dit in zijn gebruikelijk beeldrijk taalgebruik duidelijk aan Marijn, met als gevolg: geen Marijn op het veld. En nadien kwam er een solo-elpee die ik dan weer niet zo goed vond, zodat het contact voor altijd werd verbroken.
Verder lezen ‘Marijn Devalck’
Zjef Vanuytsel
Zjef Vanuytsel is zonder meer een icoon van de Vlaamse kleinkunst. Liedjes als ‘De zotte morgen’, ‘Houten Kop’ en ‘Tussen Antwerpen en Rotterdam’ zijn voor altijd in ons muzikaal geheugen gegrift. Na een lange periode van stilte (24 jaar!) maakte Zjef Vanuytsel in 2007 een geslaagde comeback en bewees hij met de cd ‘Ouwe makkers’ dat hij het vakmanschap nog lang niet verleerd heeft.
Verder lezen ‘Zjef Vanuytsel’
Na een nominatie voor de 1000Watt-prijs in 2003 stond de voorstelling ‘Negentienhonderd’ op theaterfestivals in Edinburgh, Wenen, Nürnberg, Dublin, Amsterdam, Liverpool en Philadelphia. Deze week is ‘Negentienhonderd’ opnieuw te zien op eigen bodem, in De Kazematten. Een paar perscommentaren: “1900 is a near-perfect theatre work.” The Sunday Herald; “ein fragiles Stück Poesie zwischen Surrealismus und Melancholie.” Nürnberger Zeitung; “Ontroerend.” De Morgen.
Negentienhonderd werd geboren op het cruiseschip de Virginian, in het jaar negentienhonderd en dan maar Negentienhonderd gedoopt. Niet door zijn ouders, want die waren onbekend. Danny Bootsman, een stoker, had hem gevonden in een citroendoos, op de piano in de danszaal van de luxeklasse. En hem dan maar van een naam voorzien waarmee je niet anders kan dan slagen in het leven: Negentienhonderd.
Negentienhonderd wordt pianist. In het orkest van het schip. Pianist van normale en abnormale noten. En hij wordt deel van het schip dat hij nooit zal verlaten. Nochtans kent hij heel de wereld. Via de ogen van de mensen. Zo kent hij ook alle muziek. Via de toetsen van zijn piano. En die lading dynamiet…
Tekst Wim De Wulf (vrij naar Alessandro Baricco), Regie Christophe Ameye, Spel Hans Van Cauwenberghe en Filip Peeters, Scenografie en Poppen Filip Peeters, Muziek Yves Meersschaert en Nils De Caster, Kostuums Chris Snik, Licht Wim De Wulf
‘Negentienhonderd’ op 17,19,24,25,26 sept om 20u30 & 20,27 sept om 15u & 1,2,3 okt om 20u30 & 4 okt om 15u in De Kazematten (Kazemattenstraat 17, Gent). Reserveren bij Uitbureau Gent op 09 233 77 88 of info@uitbureau.be. Tickets 10 euro, reductietarief 8 euro.
Verder lezen ‘‘Negentienhonderd’ in De Kazematten’
Bruno Deneckere en Lieven Tavernier treden op in de Blauwe Poort, Collegebaan 55, Melle, op zondagmiddag zes september om 15.00u. Toegang: 10 euro, drankje inbegrepen. Als u van Gent komt eerst het dorp Melle doorrijden tot u links het college ziet. Daar neemt u links de kasseibaan. Dit is de Collegebaan.
Wellicht staan ook nummers uit de vierde CD van Lieven Tavernier uit 2007 op het programma. Ze kreeg de titel “Wind & Rook” mee en werd in drie dagen live opgenomen zonder overdubs in de woonkamer van producer Nils De Caster.
Sorry voor de eigenaardige foto, maar hij is wel historisch belangrijk. Hij is genomen in 1973 op een optreden van Lieven in Temse ten voordele van Chileense vluchtelingen (de putsch van Pinochet lag pas achter de rug).
Verder lezen ‘Bruno Deneckere en Lieven Tavernier in de Blauwe Poort’
Marlene Dietrich koos als pseudoniem een naam waarvan Jean Cocteau zei dat-ie “begon als een streling en eindigde als een zweepslag”. Alhoewel Cocteau de herenliefde was toegedaan, had hij in deze vergelijking toch maar mooi gezien dat Marlene Dietrich een icoon zou worden in de SM-wereld van zweepjes en meesteressen. Toch bestaat er een merkwaardige foto waarin La Dietrich zowaar aan de voeten neerknielt van Edith Piaf. Deze foto is genomen in september 1952 in New York waar Piaf trouwde met haar eerste man, Jacques Pills. Marlene Dietrich was getuige.
Verder lezen ‘Marlene Dietrich aan de voeten van Edith Piaf’
De Vlaamse actrice van Amerikaanse afkomst, Nicky Langley, was – zoals zovelen destijds in de Verenigde Staten – gefascineerd door het boek en de film “The nun’s story”. Alhoewel de film in Amerika en overal elders in de wereld werd gepromoot als zijnde een fictief verhaal, werd hij bij ons juist aangeprezen als “gebaseerd op ware feiten”. Toen Langley daar dus achter kwam, ging zij op zoek naar die “ware feiten”. Die zijn nu gebundeld in het boek “Malou – Het waargebeurde verhaal van de Vlaamse non die model stond voor de rol van zuster Luc uit The Nun’s Story” (Lannoo). Maar die zuster Luc was dus geenszins Soeur Sourire zoals een hardnekkig verhaal de ronde doet. Dat kàn trouwens gewoonweg niet aangezien de film “The Nun’s Story” dateert uit 1959, dus niet minder dan vier jaar vóór “Dominique” uitkwam!
Jeannine Deckers (zoals ze eigenlijk heet) had als kloosternaam eveneens “zuster Luc” aangenomen (Soeur Sourire werd haar als pseudoniem opgedrongen door haar platenfirma, Philips) en nadat ze uit het klooster was gestapt heeft ze nog een nieuwe carrière willen opstarten onder de naam “Luc Dominique”, maar dat heeft dus allemaal niets met “The Nun’s Story” te maken. De vergissing komt voornamelijk voort uit het feit dat er ook een film bestaat met als titel “The Singing Nun”. Die dateert uit 1966, werd geregisseerd door Henry Koster en met Debbie Reynolds in de (veeleer gefantaseerde) rol van Soeur Sourire.
Maar ikzelf ben toch nog altijd vooral geïnteresseerd in de actrice die Malou gestalte heeft gegeven: Audrey Hepburn.
Verder lezen ‘Audrey Hepburn in “The nun’s story”’
In mijn archief vond ik nog een oud interview uit Het Laatste Nieuws (afgenomen door niemand minder dan Willem M.Roggeman!) van 1961 met Louis Neefs. Zo’n getuigenis uit de tijd zelf is verhelderender dan beschouwingen achteraf die toch altijd op één of andere manier “gekleurd” zijn. Ik heb het tussen mijn geschiedenis van het Nederlandse lied geschoven.
Verder lezen ‘“Het luisterlied zal niet meer sterven”’
Omdat “Loft” dit weekend “Koko Flanel” overtroefd had wat het grootste aantal bezoekers aller tijden voor een Belgische film betreft, wilden de producers van “Koko Flanel” ludiek de handschoen opnemen door de film heruit te brengen. Gisteren was dit het geval. In de Antwerpse Metropolis kwamen echter welgeteld acht mensen opdagen om de film te bekijken (in alle acht de gevallen: te hérbekijken). Op dat zelfde moment zaten in een andere zaal precies vierhonderd mensen méér naar “Loft” te kijken. En dan heb ik het natuurlijk nog niet over al die andere zalen waarin “Loft” te zien was. Over and out dus voor “Koko Flanel”. Ik zou dit dan ook niet vermelden Urbanus op stang te jagen, die zelf tegen het initiatief was en exact het aantal bezoekers had gepronostikeerd) ware het niet dat één van die bezoekers (Vincent Nachtegael als u het precies wil weten) wijze woorden spreekt in Het Nieuwsblad van vandaag: “Het zou geen gek idee zijn nu en dan eens oude films weer in de cinema te brengen. Maar als ik natuurlijk zie dat wij hier ongeveer alleen zijn, zal dat initiatief allicht een snelle dood sterven.”
Verder lezen ‘Slechts acht man voor herneming “Koko Flanel”’