Archief voor de categorie 'autobiografie'

09
Jul

Etienne Vermeersch: “Solidair zijn met een bodemloze put is heel ontmoedigend”

Ik zou even de aandacht willen trekken op het artikel “Barst België?” in Humo van deze week. Vooral professor emeritus Etienne Vermeersch slaat hierin weer nagels met koppen…
Verder lezen ‘Etienne Vermeersch: “Solidair zijn met een bodemloze put is heel ontmoedigend”’

08
Jun

Anton van Wilderode tien jaar geleden overleden

Op vijftien juni zal het precies tien jaar geleden zijn dat priester-dichter (al had hij zelf een hekel aan die omschrijving) Anton van Wilderode is overleden. In de Triestzaal in kasteel Cortewalle in Beveren loopt tot 14 juni dan ook de expo “Geen andere hartstocht dan bestaan”. Het gaat om een collectie kalligrafie, houtsneden, aquarellen, foto’s, affiches en keramiek. Op zondag 15 juni wordt de tentoonstelling om elf uur afgesloten met een lezing. Speciaal voor de gelegenheid werd ook een huldeboek Anton van Wilderode 1998-2008 samengesteld. Het bevat de toespraak van schepen van Cultuur Lieve Van Daele, een homilie van Daniël De Smet, gedichten en foto’s uit het archief van Anton van Wilderode en toespraken van vooraanstaande Vlamingen.
Zelf heb ik het geluk gehad twee jaar Nederlandse les te krijgen van Anton van Wilderode (poësis en retorica) en ook na mijn middelbare schooltijd ben ik hem nog een aantal keren gaan bezoeken, vaak om louter persoonlijke redenen, een enkele keer ook om hem “officieel” te gaan interviewen voor het gewestelijk weekblad “De Voorpost”. Dat was in mei 1978, precies tien jaar na mei ‘68…
Verder lezen ‘Anton van Wilderode tien jaar geleden overleden’

08
Apr

“Ex-drummer” van Herman Brusselmans verboden in Temse

Bericht uit Het Nieuwsblad van vandaag: “Omdat de film Ex-drummer naar het gelijknamige boek van Herman Brusselmans ‘niet door de beugel’ kan volgens het schepencollege van Temse, heeft die de voorstelling in het gemeentelijk jeugdhuis De Nartist verboden. ‘Niemand uit de werkgroep van het jeugdhuis had blijkbaar de film gezien. Ik wel en ik vond hem niet geschikt voor veertien- en vijftienjarigen,’ zegt schepen van Cultuur Annemie Blommaert (CD&V), in het dagelijkse leven onderwijzeres. ‘Sommige scènes zijn zo grof dat jongeren zonder voorbereiding zouden schrikken.’ ‘Vorig jaar woonde ik met mijn tienerzoon een zaalshow van komiek Kamagurka bij in hetzelfde jeugdhuis,’ aldus nog de schepen. ‘Ik ben toen gedegouteerd buitengestapt.’ “
Alhoewel op een ander (en veel lager) niveau dan de discussie over euthanasie, betreft het hier au fond dezelfde redenering: de CD&V voelt zich namelijk altijd geroepen om in functie van een ander te beslissen. Ikzelf kon de fragmenten die ik uit “Ex-drummer” heb gezien ook helemaal niet appreciëren en ik zou er dan ook niet aan dénken om ernaar te gaan kijken, maar ver van mij om vanuit die opvatting ook anderen te verbieden die film te gaan bekijken. Akkoord dat mevrouw Blommaert een punt heeft waar het minderjarigen betreft, maar dan had ze toch een minimumleeftijd kunnen bepalen i.p.v. met een verbod à la Antwerpse feminatheek uit te pakken?
Verder lezen ‘“Ex-drummer” van Herman Brusselmans verboden in Temse’

28
Jan

Isabelle Adjani

Ik heb mezelf altijd eerder als een zoon dan als een vader gezien. Dat heeft ooit zelfs eens tot een zeer vervelend incident geleid. Toen we met onze wielerploeg in de Ardennen zaten (jaja, het gaat er soms heel professioneel aan toe bij wielertoeristen, hoor), waren we op een avond zowaar over de dood aan het discussiëren. Ja, wat doet een mens zoal ’s avonds in de Ardennen, nietwaar? Dan valt daar toch niets te beleven! (Willy Van Poucke moet mij als auteur van “De Literaire Ardennen” maar tegenspreken.)
Maar goed, op een bepaald moment probeer ik de stelling te ondergraven dat “de ouders toch altijd eerder gaan dan de kinderen”. Ik dacht daar toen in mijn geval aan mijn eigen ouders. Ik had er helemaal geen bezwaar tegen om “eerder te gaan” dan hen. Ik had er echter helemaal geen rekening mee gehouden dat mijn eigen kinderen ook aanwezig waren en die waren niet gediend met mijn opmerking.
Maar zo bedoelde ik dat helemaal niet natuurlijk. Ik wil hiermee inderdaad alleen maar illustreren dat ik nog altijd vanuit de gedachtengang van “een kind” redeneer en niet zozeer als vader. Toen wij dus onvoorzien al heel vlug een kind hadden, dacht ik dat het wel bij dat ene zou blijven. Maar anderzijds wilde ik niet dat dit kind zou opgroeien zoals mezelf: met de gedachte dat de hele wereld om jou draait. Als enig kind dat bepamperd wordt en in de watten gelegd heb je al snel die overtuiging. Gelukkig ben ik daar in mijn puberteit tegen in opstand gekomen en helemaal doorgeslagen naar de andere kant: alle macht aan het volk, weet je wel? (Ik heb het altijd merkwaardig gevonden dat ik in mijn “onuitstaanbare” periode juist veel “populairder” was dan nadien.)
ronny1.jpg Daarom zouden wij – lang voordat het een mode werd – een tweede kind adopteren. Maar eerst wilden we wel eens zien hoe dat zou aanvoelen, zo’n kind dat niet van jou is en toch het jouwe. Daarom lieten wij ons inschrijven bij de organisatie “De Vreugdezaaiers”. Dat was weliswaar een katholieke organisatie uit Gent, maar misschien bestaat zoiets gewoonweg niet in de vrijzinnige sector. Wij kénden alleszins niets in die richting.
“De Vreugdezaaiers” stelden Algerijnse kinderen ter beschikking uit de Parijse banlieues. Het systeem was dat ze slechts drie maanden mochten blijven en dan voor drie maanden terug naar hun ouders gingen. Daarom besloten we op die manier een jongen en een meisje te laten komen, Abdel en Rasika, die neef en nicht waren (ze heetten allebei Mabrouki). Al heel vlug draaide het systeem in de soep en op een bepaald moment hadden we zelfs drie pleegkinderen (ook nog Ouarda, een oudere zus van Abdel), terwijl ikzelf mijn burgerdienst deed tegen honderd frank per dag en mijn vrouw gewoon thuis was (zij kon niet stempelen). Uiteraard draaiden we er totaal onder door en moesten we ermee stoppen. Een en ander heeft er zeker ook toe bijgedragen dat we dan maar “gewoon” een tweede kind hebben “gemaakt”.
Maar wat heeft dit alles nu met Isabelle Adjani te maken? Wel, veel meer dan je zou denken…
Verder lezen ‘Isabelle Adjani’

09
Jan

Een Gentenaar, genaamd Stadeus

Het gebeurt wel vaker dat Geert Stadeus en ik vallen voor dezelfde vrouw. Tot hiertoe heeft dit gelukkig nog geen problemen opgeleverd. Zo gunnen we elkaar de aanblik van Tara Fitzgerald, deze namiddag te bewonderen op Vitaya (om 14.40 uur) in de Britse TV-film “The vacillations of Poppy Carew” (James Cellan Jones, 1995). En vanavond, om 21.15 uur op Nederland 2, kan men Geert zelf bekijken in “Tien voor Taal”. Drie Vlaamse columnisten nemen het dan immers op tegen drie Nederlandse collega’s (buiten Hagar Peeters ken ik geen enkele van de andere scribenten). Als de zenuwen hem geen parten spelen, moet Geert het er normalerwijze goed van afbrengen. Misschien wel zo goed als Willy Vandoorselaer die enkele jaren geleden de finale won!
Verder lezen ‘Een Gentenaar, genaamd Stadeus’

28
Dec

De Voorpost

Op 12 mei 1978 schrijf ik mijn eerste artikel voor De Voorpost, waarvoor ook de latere filmregisseur Jan Verheyen, de vroegere netmanager van de VRT Leo Debock en burgemeester van Temse Luc De Ryck werken onder de hoede van hoofdredacteur Wouter Vloebergh. Dat eerste artikel betrof een interview met de voetballende advocaat Raf Verhofsté uit Sint-Niklaas.
Aangezien er ook een extreem-rechtse organisatie bestaat met dezelfde naam, moet ik me herhaaldelijk “verdedigen”, vooral in combinatie met het werken voor “De Rode Vaan“. Jammer dat ik toen nog niet wist dat niemand minder dan Frans Buyens in 1948 reeds een satirisch tijdschrift met die naam had gesticht (het hield het maar een jaar uit).
Verder lezen ‘De Voorpost’

23
Dec

Ere-adjunct-commissaris Albert De Schepper en Bertha Jansegers, 65 jaar getrouwd

Op zaterdag 22 december 2007 vierden Albert De Schepper, ere-adjunct-commissaris, en Bertha Jansegers hun briljanten huwelijksjubileum. Burgemeester Luc De Ryck ontving hen in AC De Zaat en reikte de attenties uit van het koninklijk paleis en het gemeentebestuur. Hoofdcommissaris Antoine Van Hove, die in z’n beginjaren bij de politie door de gehuldigde werd opgeleid, was eveneens aanwezig.

Beide jubilarissen werden geboren in Temse: Albert op 13 februari 1921, Bertha op 10 maart 1923. Na werkzaam te zijn geweest op de Boelwerf, trad Albert in 1949 toe tot de lokale politie. Hij werd bevorderd tot hoofdinspecteur en zag zijn loopbaan in 1975 bekroond als adjunct-commissaris, functie die hij behield tot zijn opruststelling in 1981. Naast duivenmelken, fietsen en voetballen (hij speelde ooit nog kampioen samen met K.S.V.Temse) was muziek zijn hobby-bij-uitstek. In 1930, op amper 9-jarige leeftijd, trad hij toe tot de harmonie Recht door Zee. Hij kreeg er notenleer van Alfons Kiden en Jan Van Lancker, klarinet van Jef Kruyner. Hij was een klasbak op het instrument en speelde jarenlang klarinet-solo. Bertha was werkzaam in de plaatselijke textielbedrijven Orlay en Dacca.
In volle oorlogstijd, op 18 december 1942, werden zij in de echt verbonden door eerste schepen Jules De Frangh. Zij kregen een zoon, Ronny en hebben twee kleinkinderen en één achterkleinkind. Jarenlang woonden zij in de Prinsenlaan. In 1994 betrokken zij een serviceflat in de Kouterstraat, waar zij genieten van een gelukkige oude dag. (persmededeling)

emaildeschepper1.jpg
Albert De Schepper en Bertha Jansegers (foto Erwin De Meirleir)

23
Dec

Johan de Belie

Toen ik de eerste keer Johan de Belie zag, werd hij aan mij (en aan de andere klasgenoten in de Retorica van het Sint-Jozef-Klein-Seminarie) voorgesteld als Marc De decker, want als dusdanig was hij geboren in Sint-Niklaas op 1 december 1948 als zoon van Marcel De decker, goed gekend in plaatselijke toneelmiddens, met name Sint-Genesius, en Maria de Belie (vandaar zijn pseudoniem; Johan is de naam van zijn overleden oudere broer).
Waarom deze voorstelling? Het schooljaar was al enkele dagen begonnen en toen pas werd besloten dat Marc zijn jaar nog eens mocht overdoen. Daniël De Smet die toen onze “geliefde” klastitularis was, voegde eraan toe dat Marc ook “artistiek” bezig was. Ik zie het nog goed voor me: Marc was achteraan in de klas gaan zitten, zelf zat ik helemaal vooraan. Het woord “artistiek” werkte natuurlijk op mij als een rode lap op een stier. Ik draaide me om en maakte vragend een gebaar waaronder algemeen “viool spelen” wordt verstaan. Marc schudde van nee en stak toen zijn tong uit en wees erop. Even dacht ik nog dat hij daarmee wou zeggen dat hij zanger was, maar het was dus woordkunstenaar. Nog tijdens diezelfde les zou Marc zich trouwens laten opvallen door een groot gedruis, waarna hij triomfantelijk de poot van zijn tafel in de lucht stak. Een eeuwigdurende vriendschap was geboren.
Verder lezen ‘Johan de Belie’

11
Nov

Miel Swillens

Als ik een soort van top tien zou samenstellen van mensen die mijn leven een bepaalde richting hebben gegeven, dan hoort Miel Swillens daar zeker bij. Miel is op dit moment één van mijn buren, maar dat kan natuurlijk nauwelijks een reden zijn waarom hij in die top tien zou thuishoren. Toen ik hier in zijn buurt ben komen wonen, was ik al dertig jaar en – hoe jammer deze vaststelling ook is – dan gebeurt er niet veel meer in je leven dat van enig belang is. De belangrijkste zaken gebeuren immers vóór je twintigste levensjaar – en dat is dan nog ruim gemeten.
Verder lezen ‘Miel Swillens’

06
Nov

The Bluebirds: vogels voor De Kat

Indien alles goed zou gegaan zijn, had in het najaar van 1978 de rock-opera “De Kat” in première moeten gaan in Sint-Niklaas. “In het voorjaar reeds waren zo’n twintig Waaslanders druk in de weer met een project, dat volgens hen een grote weerklank zou moeten hebben. Dàt is alleszins wat de initiatiefnemers, Ron Dovan, Johan de Belie, Walter Vercruyssen en Jean-Pierre Goossens, beogen,” zo schreef ikzelf in “De Voorpost” en aangezien ik daarin schreef onder het pseudoniem Jan Segers kon ik op die manier over mijzelf in de derde persoon schrijven (bovendien gebruikte ik voor de rock-opera zelf ook een pseudoniem, Ron Dovan, zodat de verwarring compleet was).
Maar goed ik ging verder: “Zij zijn allen al jaren actief op respectievelijk literair en muzikaal gebied, zonder hiervoor de nodige erkenning te krijgen, vonden ze. Daarom hebben ze de handen in elkaar geslagen voor een erop-of-eronder manifestatie: een heuse rock-musical, genaamd ‘De Kat’. De auteurs (beiden uit Sint-Niklaas) werken onder een pseudoniem en dat is niet toevallig daar ze (voorlopig?) alle publiciteit schuwen. We gingen dan maar op bezoek bij de twee componisten, Walter Vercruyssen en Jean-Pierre Goossens.”
Verder lezen ‘The Bluebirds: vogels voor De Kat’




Blog-teller

  • 84,821 keer aangeklikt

uit de oude doos